Ecologie

https://sites.google.com/a/moulindebellemeuse.be/moulin-de-belle-meuse---logo-pop/ecologie#turbine  
  



Sedert april 2009 produceert Het Molenhuis elektriciteit door middel van een waterturbine. Hierbij hebben we gebruik gemaakt van de bestaande infrastructuur van de oude molen. 

Dankzij deze investering hebben we een veel kleinere ecologische voetafdruk gekregen. Van het Fonds Hoogveld van de Koning Boudewijnstichting kregen we een flinke duw in de rug waardoor het project mogelijk werd.

Ongeveer 250 meter stroomopwaarts van de molen is er een dammetje opgeworpen in de waterloop Belle Meuse. Daardoor wordt een deel van het water naar een kanaaltje gevoerd. Dit kanaal is ongeveer 1 meter breed en heeft een maximale diepte van ongeveer 60 cm. 

Het voert het water licht hellend naar de molen terwijl de beek zelf sneller de vallei afdaalt. Ter hoogte van de weg die langs het molenhuis leidt, bevindt zich een stuwconstructie met een hefschuif en krooshek. Vanuit deze constructie vertrekt er een gietijzeren buis van ongeveer 60 cm doormeter naar de molen die een turbine voed van het type "
Banki".

Voor de technici onder jullie: De kleine hoeveelheid water die nu door het kanaaltje stroomt is goed voor een constante elektriciteitsopbrengst van 1,5 kWh. De turbine maakt gebruik van een verval van 12 meter om dit te bekomen. 

Indien we onze turbine het jaar rond kunnen laten draaien, produceren we zo reeds meer energie dan we verbruiken. De turbine draait dan op ongeveer één derde van haar volle kracht.

Meer nog: indien we het debiet van het kanaaltje kunnen verhogen, kan de turbine op volle kracht zorgen voor 5,5 kWh. Maar dan is er nog wat werk aan de winkel en vooral aan het kanaaltje en de aftakking aan de beek. Maar het kan!

De uitstroom van de turbine gaat via een grote wachtkamer terug naar de Belle Meuse. 

     
Hefschuif en krooshek - aanvoerkanaal


 
 
Waterzuivering

Vermits Het Molenhuis niet gelegen is aan een bestaande riolering, heeft de molen een eigen individuele zuiveringsinstallatie.

Het station werd geleverd door de firma: Eloy et fils uit Sprimont. Er werd gekozen voor het type: Oxyfix met een capaciteit van 30 tot 50 inwonersequivalent. Dit is een mechanisch systeem op basis van het "ondergedompeld aeroob vastbed" principe.

Het zuiveringsproces omvat 3 fasen:

KUIP 1: VOORBEZINKING
Het totale huishoudelijk afvalwater (sanitair en fecaliën) komt binnen in de voorbezinker, waar het organische materiaal bezinkt en wordt afgebroken door anaerobe bacteriën. Dit compartiment doet eveneens dienst als vetvanger.

KUIP 2: BELUCHTING
De overblijvende organische fractie stroomt in het tweede compartiment, de biologische reactor. In deze reactor vind de aerobe zuivering plaats. De overblijvende organische fractie wordt verwerkt door micro-organismen op vast dragermateriaal (oxybille®). De zuurstof die deze micro-organismen daarvoor nodig hebben, wordt hierin geblazen door een luchtpomp. De pomp is aangesloten aan de beluchters binnen in de put en zorgt voor een hoog zuurstofrendement.

KUIP 3: NABEZINKING
Na de aerobe biologische behandeling, komt het gezuiverde water en de slibfractie afgescheiden door deze micro-organismen in het bovenste deel van de nabezinker. De slibfractie zinkt hier onder de vorm van vlokken naar de bodem. Hier vindt ook een eerste denitrificatie plaats. Het gezuiverde water stroomt naar de rivier. Het restslib wordt teruggebracht naar het eerste compartiment voor een tweede zuiveringscyclus.